Hoe zet je een ADHD-cafe op? Deel 2
10 maart 2026
Goed, ik had dus al via via een groepje mensen opgetrommeld om een ADHD-café op te zetten in Groningen. En nu doorpakken. Niet altijd perse een ADHD-kwaliteit.
Knopen doorhakken
Guus en Rob (zie deel 1) haakten enthousiast aan en dat maakt dingen veel gemakkelijker. Nu was het tijd om een paar knopen door te hakken.
Knoop 1: de locatie
Ik wilde een laagdrempelige locatie mét sfeer. Dat je niet ergens naar binnen loopt met het gevoel dat er knipperende letters boven je hoofd zweven: ADHD! Maar ook niet dat je het idee hebt dat je ‘serieus over je problemen moet praten’. Ik wilde geen muziek op standje disco, maar ook geen barman met poetsdoek die zit te luistervinken. Geen plakkerige vloer, maar ook geen steriele kantine. Geen al te afleidende inrichting vol rariteiten, maar ook geen galmende aula. Iets waar je een beetje apart zit, maar wel gezellig.
Zoiets als dat zaaltje waar ik ooit mijn trouwfeest had, dacht ik. Bij Hemmingway’s. Of iets met een neurodivergente vibe, zoals literair café De Graanrepubliek daar pal naast. Of Hooghoudt op de Grote Markt. En zo waren er nog wat plekken waar ik wilde kijken. Of het niet te groot was, of het niet te duur was en of ze ons wel wilden.
Kortom: ik wilde met mijn meedenkers op kroegentocht.
Dat werd een eenzame tocht. Achteraf hadden er wel mensen meegewild. Alleen had ik wel een oproep geplaatst, maar geen bevestiging gevraagd, dus zat ik in mijn eentje in een kroeg met een biertje te wachten op medestanders.
Tja. Na mijn diagnose zat ik precies zo. Tevergeefs wachtend op mede-ADHD’ers uit mijn afgeronde psycho-educatiegroepje. Met een biertje in de hand las ik de last-minute afzeggingen en ‘was-dat-vanavond’-excuses.
Les 1: reminders sturen.
Het ging wel lekker snel zo. De locaties vielen bij bosjes af (de één was te klein, de ander was te open, of te onvriendelijk, te duur, te vol, te vaak bezet, te groot, enzovoort). Ik hakte de knoop van de laatste overgebleven opties door en ging voor mijn eerste ingeving: het bovenzaaltje van Hemingway’s. Ik hoefde er geen entree te rekenen, er zat niet iemand mee te kijken, de muziek kon uit en het zat mooi centraal in de stad.
Knoop 2: een vast moment
Ik had de meedenkers gevraagd op welke dagen van de week ze konden, maar dat leverde een diversiteit op waar een regenboogpad jaloers op zou zijn. Dus ik hakte maar weer en koos voor de dinsdag. Dan konden Rob en Guus in elk geval, Hemingway’s was beschikbaar en ik had een excuus om een keer per maand niet te hoeven bootcampen.
We konden later altijd uitbreiden, maar eerst maar eens zien hoeveel er bij één keer per maand op afkomt. De eerste dinsdag van de maand, dat leek me het beste te onthouden. Tussen acht en tien. Ofwel: tussen 20 en 22 uur. Ook goed te onthouden.
In de praktijk loopt het altijd zeker een uur uit en is er totaal geen tijd om iedereen te kunnen spreken, maar ja, wist ik veel. Ik dacht: zul je zien dat Rob en Guus niet kunnen en ik in mijn eentje zit te wachten op bezoek, of erger: dat ik met één bezoeker heel ongemakkelijk zit te wachten op bezoekers. Niet gebeurd. En dan nog: met ADHD’ers vliegt de tijd.
Knoop 3.1: promotie - pers
Ik wilde flink op de trom slaan, want mensen met ADHD moeten wel weten dat het café er is. Dus ik schreef een persbericht en vulde allerlei online uit-agenda’s in.
Toevallig was een eerdere editie van het ADHD-café in Groningen zo’n vijf jaar geleden gestopt. Dat was een mooi haakje om de pers mee te benaderen. De meedenkers reageerden enthousiast, dus ik verzond het naar elke omroep, krant of ander medium dat mogelijk geïnteresseerd zou zijn in de wederopstanding van het ADHD-café Groningen.
Dat werkte: het verscheen in mijn eigen wijkkrantje, op de website van de lokale omroep, op een nieuwswebsite voor ondernemers en een Engelstalige site voor expats en buitenlandse studenten. En mogelijk meer, maar ik heb ze niet allemaal doorgebladerd.
Misschien hielp het mee dat ik mezelf als spreker opvoerde in het stukje (een truc om de tekst minder saai te maken). Zo van: “Volgens mede-organisator René Hoogschagen...” In elk geval misschien herkenden die redacteuren mij als oud-collega. Maar misschien ook niet. Hoe dan ook, we werden genoemd!
Knoop 3.2: promotie - socials
Ik haat socials. Het is kauwgom voor de ogen; het smaakt nergens meer naar, maar je blijft doorkauwen. Gelukkig bleek meedenker Liesbeth socialmedia-bedwinger te zijn voor haar werkgever. In een paar tellen zaten we op Insta en even later had ze de regie overgenomen van de Facebookpagina waar onze voorgangers vijf jaar geleden mee waren gestopt.
Knoop 3.3: promotie - flyers
Julie Houben had de Groningse pagina op de website van Impuls & Woortblind weer uit de kast gehaald en daar mijn tekst op gezet. Ze stuurde me ook - precies op tijd - een envelop, met drukwerk dat we in het café konden neerleggen.
Naast visitekaartjes en leaflets zaten in die envelop ook folders over dyslexie, dyscalculie, Impuls & Woortblind en over het ADHD-café zelf. Maar nergens stond op waar en wanneer ons café was. Op de folder over het ADHD-café zat wel een wit vlak waar je die gegevens kwijt kon en we kregen ook een vel stickers met die informatie, maar eerlijk gezegd: ze vielen niet erg op en die stickers maakten het er niet beter op.
Bovendien hadden wij (misschien naïef) bedacht om ze uit te (laten) delen bij de Groningse zorginstellingen die mensen met ADHD behandelen. En om ze te verspreiden op plekken waar mensen met een speels brein graag spelen, zoals theaters en kunstencentra. Maar zoveel folders waren er niet.
Ik had liever een flyer van A5-formaat met een duidelijke, korte boodschap is namelijk groot genoeg om op te hangen als postertje, maar het is klein genoeg om ergens neer te leggen. En er staat net genoeg informatie op om uit te kunnen delen, bijvoorbeeld aan mensen die net een diagnose hebben gekregen.
Omdat Liesbeth ook nog eens heel goed kan ontwerpen, hebben we ze zelf maar gewoon gemaakt. Niet te zuinig: 2000 stuks. Wel netjes in de huisstijl van Impuls & Woortblind. En aanpasbaar voor andere caféhouders. De drukkosten, zo'n 150 euro, kon ik gewoon declareren. En nu fiets ik af en toe door de stad om flyers uit te delen en op te hangen.
Knoop 3.4: promotie - behandelaren
Ik stuurde het persbericht ook naar de zorginstellingen in de stad die mensen met ADHD behandelen. Ik hoopte dat ze hun cliënten dan op het café zouden wijzen. Maar één van de directeuren was zó enthousiast dat ze haar hele behandelteam langs wilde sturen voor de eerste bijeenkomst. De angst om op bezoekers te zitten wachten kreeg een nieuwe variatie: wachten met 6 behandelaren.
Belangrijker: ik wil dat iedereen vrijuit kan praten over ADHD, met mede-ADHD’ers, maar ik kan me voorstellen dat je dichtklapt als er een behandelaar naast je gaat zitten. Dat wilde ik dus voorkomen. Ze reageerde heel lief en begripvol en wilde ons eigenlijk vooral succes wensen.
Tot mijn schrik kreeg ik nog zo’n enthousiast mailtje, van degene die mij ooit had behandeld. Dus ook hij kreeg de reactie dat hij heus welkom was, maar... dat het café in principe was bedoeld voor mensen met ADHD. Ik kreeg direct antwoord: hij hád ADHD! Sterker nog: hij had al een tijdje het plan om zelf een ADHD-café op te starten met een collega die óók ADHD heeft. Dat kwam er alleen nooit van...
Meer over ADHD-cafe Groningen
